27 maart 2014 - 11 september 2019: 92887 bladzijden, 738498 artikelen

SPORTREVUE

Heroïek en drama’s in de Ronde van Vlaanderen hebben de wielerfans altijd kunnen begeesteren
Geen interesse in gesprekken en discussies die met de wielersport te maken hebben? Dan verdient het aanbeveling rond deze tijd van het jaar bij een bezoek aan Vlaanderen het cafébezoek aldaar tot een minimum te beperken, zo niet achterwege te laten. Want de ’koers’ is thans in de staminees het voornaamste thema. Het rijke Vlaamse wielerleven bestaat nog steeds.Grote en middelgrote koersen zijn er aan de lopende band. Niettemin, er is één wedstrijd die speciale betekenis heeft: de Ronde van Vlaanderen, de hoogmis in het wielergekke landsdeel van België.
De kasseistroken die dorpen en gehuchten met elkaar verbinden hebben ’De Ronde’een monumentale status gegeven,net als de nijdige en soms ook nog slecht geplaveide hellingen zoals de Oude Kwaremont, de Koppenberg, Valkenberg, Paterberg en Muur van Geraardsbergen, hoewel die laatste hindernis sinds vorig jaar niet meer in het parcours is opgenomen. Ter ’compensatie’ hiervan liggen op zondag 6 april tussen startplaats Brugge en de finish in Oudenaarde (259 kilometer) een paar beklimmingen meer dan één keer voor de wielen.
Cancellara,Boonen en Devolder zijn van de huidige generatie degenen die twee- of driemaal van ’Vlaanderen’ een gloriedag maakten. De overwinningen van Museeuw (o.a. in 1993 toen hij Frans Maassen naar de tweede plaats verwees),Tchmil,Van Petegem,Tafi, Bartoli,Ballan,enzovoort,liggen ook nog redelijk vers in geheugen. En het televisiebeeld van een huilende Edwig van Hooydonck toen hij in ’89 de eerste van zijn twee zegepralen behaalde ging de wereld over, net als de gebeurtenis op de Koppenberg waar koploper Jesper Skibby letterlijk van uitputting omviel toen de voorbodes van het peloton hem bijna te pakken hadden. De auto van de wedstrijdleider kon de Deense renner ternauwernood ontwijken,maar reed wel zijn fiets aan gruzelementen. Het gevloek van de Deen en boegeroep van de toeschouwers was tot in Wallonië te horen.
Lang geleden gaven de Italiaan Fiorenzo Magni (driemaal achter elkaar de sterkste: 1949, ’50, ’51), Rik van Steenbergen, Rik van Looy, Fred de Bruyne, de Duitser Rudi Altig, Eric Leman, Roger de Vlaeminck,Michel Pollentier en Walter Godefroot met hun een- of meervoudig succes eveneens kleur aan het evenement,op hun beurt weer gevolgd door de broertjes Planckaert,Eric Vanderaerden en Claude Criquielion, de Waalse held die zich dus voor één dag koning van Vlaanderen mocht noemen. Dat laatste was oer-Vlaming Briek Schotte zijn hele leven. Hij nam twintig keer – zonder één onderbreking - aan de Ronde deel, won twee edities en ontwapende op 40-jarige leeftijd om toen ploegleider te worden. IJzeren Briek (84) stierf op 4 april 2004, de dag waarop …. de Ronde van Vlaanderen werd verreden. De Duitser Steffen Wesemann won.
Nederlandse triomfen waren er óók,achtereenvolgens voor Wim van Est (1953), Jo de Roo, Evert Dolman, Cees Bal, Jan Raas, Hennie Kuiper, nogmaals Jan Raas, daarna Johan Lammerts en tenslotte Adrie van der Poel, nu alweer achtentwintig jaar geleden. Van Est versloeg destijds in storm en regen zijn Belgische (fabrieks)ploegmakker Keteleer. Een half uurtje eerder maakte ook de Fransman Stanislas Bober – niet te verwarren met Louison Bobet – ook nog deel uit van het vluchtergroepje. Toen hij op een gegeven moment niet meer op kop kwam had Van Est hem in het taaltje van Sint Willebrord toegesproken en duidelijk gemaakt dat er gewerkt moest worden.De arme Bober verstond er geen woord van.Aan het gezicht van ’Wimme’ zag hij echter wat bedoeld werd. Trouwens, hij was aan het eind van zijn krachten en verdween naar de achtergrond. Zestien jaar na de gloriedag van Wim van Est deed Eddy Merckx voor het eerst met succes een greep naar de hoofdprijs in Vlaanderen. Toen hij bij de doortocht in het dorpje Vollezele demarreerde waren nog 73 kilometer in wind en regen te rijden.’Zijt ge zot geworden?’ schreeuwde ploegleider Lomme Driessens vanuit de volgauto hem toe. ’Ben je gek geworden?’ Merckx had het antwoord meteen klaar. Driessens moest zich er niet mee bemoeien. Hij kon naar de pomp lopen,hoewel hem dat door ’de kannibaal’in andere bewoordingen, niet geschikt voor alle leeftijden, werd duidelijk gemaakt. Aan de finish had Merckx ruim vijf minuten voorsprong op nummer twee, de Italiaan Felice Gimondi. In 1975 won Eddy-de-Grote opnieuw, dit keer met Frans Verbeeck in tweede stelling. Jawel, voor een belangrijke rol in de Ronde van Vlaanderen moet je ijzersterk zijn. Triomferen is nóg iets anders.